Home > Materiaalpraat > Ode aan de Eenvoud
Ode aan de Eenvoud
En plots heb je dat gevoel: je moet eruit. Zo ook gisteravond. Dus hengel uit het rek, vest vullen met een paar vliegendozen en weg wezen.

Op de goede gok een stek kiezen, met in je achterhoofd dat er misschien wel een roofblei rondzwemt. In ieder geval zit er snoekbaars. En winde, véél winde, zoals we vorig jaar op die zomeravond meemaakten. Maar vanavond? Het wil maar niet lukken. Bijna drie uur sta ik te werpen en wissel om het half uur van strategie. Één winde is het magere resultaat. Er staat amper stroming in de lek en het water wordt om de haverklap vertroebeld door passerende boten. Dan maar een andere stek.

uitgekleed
Het is even zoeken, maar dit ziet er veelbelovend uit. Iets aan stroming en minstens één meter zicht. Ik rommel in mijn vliegendoos en kies uiteindelijk een ‘uitgeklede’ Mickey Fin. Een onooglijke streamer, ooit meer dan 30 van gebonden. Op één avond. Zo eenvoudig is die. Oranje bucktail als vleugel en zilver tinsel als lijfje. Een streamer die mij in het verleden nog wel eens verrast heeft.

De streamer komt keurig aan de rand van de stroomnaad terecht. Drie, vier strippen en dan gebeurt het. Met enig ongeloof sta ik naar mijn kromme hengel te kijken, zo onverwacht komt de aanbeet. Een dikke baars meldt zich. Dan de tweede worp, wederom zo’n ferme jongen. Ook worp drie levert een vis op. Worp acht is de eerste zonder vis. Simpelweg omdat ik hem verspeel. Daarna gaat het weer verder. Na 16 worpen wordt de regelmaat onderbroken: ik haak nu om de worp een baars. Langzaam begin ik me zorgen te maken over mijn geestelijke toestand. Iets dergelijks maak je zelden mee. Een vreetfestijn van ordinair grote baarzen.

En dan begint het te regenen. Met de eerste druppels zijn de baarzen op slag verdwenen. Gelaten laat ik de bui over me heen komen. Kletsnat en dampend sta ik te wachten. De bui trekt over, nog een half uur licht. Daar gaan we weer: een verse baars meldt zich. Pas wanneer het donker is stop ik, gedwongen, omdat ik mijn leader in een hopeloze knoop heb gegooid.

Op de terugweg neurie ik een ode aan de eenvoud. De eenvoud van het vliegvissen. En de eenvoud van die vlieg. En ik neem me voor om er maar weer eens dertig van te binden.



Terug naar Materiaalpraat