| Home > Materiaalpraat > Duistere zaakjes 1 (Tip 57) | |
| Duistere zaakjes 1 (Tip 57) | |
|
Vaste bezoekers van het Oostvoornse Meer weten het als geen ander: zodra het donker wordt stijgt het aantal aanbeten aanzienlijk. Ook karpervissers prefereren vaak de nacht, zeker in de zomertijd. Vliegvissers in Engeland, die het gemunt hebben op zeeforel geven ook de voorkeur aan de nacht. Evenals hun collegae in Nieuw Zeeland. Van heel lang geleden herinner ik mij dat tijdens het nachtvissen op karper heel veel brasem werd gevangen. Wat kunnen we daarvan leren? We stoppen vaak te vroeg met vissen. Enige jaren geleden viste ik in een polder in de buurt van Wilnis. De avond viel en toen ik in het donker terugliep naar de auto viel mij op dat de vis nogal luid aanwezig was in de ondiepe sloten. Zien kon ik ze niet, maar horen des te beter. Met enige moeite heb ik toen mijn leaderpunt verwijderd en een dikke sedge aangeknoopt die ik met korte rukjes terug viste. Het werd een avond met het spreekwoordelijke gouden randje: veel dikke ruisers vergrepen zich aan de traag geviste vlieg. Ruisvoorns van een formaat zoals ik ze overdag nooit gezien heb in die polder. Terug naar Materiaalpraat | |